Kwaliteitsborging Wkb duwt bouwkosten kleine projecten omhoog

  • De kwaliteitsborging onder de Wkb verbetert het bouwtoezicht, blijkt uit EIB-onderzoek.
  • Een particuliere opdrachtgever betaalt circa 7.500 euro extra per woning.

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) zorgt voor merkbaar intensiever bouwtoezicht, blijkt uit een evaluatie van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB). Vooral in kleinere gemeenten en bij aannemers zonder eigen kwaliteitssysteem verbetert de kwaliteitsborging duidelijk. Bij kleine, individuele bouwprojecten stijgen de kosten echter fors, zo blijkt uit het onderzoek.

Kwaliteitsborging zorgt voor meer controles op de bouwplaats

Het EIB onderzocht in opdracht van Woningborg en SWK de eerste twee jaar van de Wkb, die sinds 1 januari 2024 geldt voor nieuwbouw in gevolgklasse 1. Voor het onderzoek sprak het instituut met veertig betrokken partijen, waaronder aannemers, gemeenten en kwaliteitsborgers.

Onder de Wkb controleren onafhankelijke kwaliteitsborgers of bouwwerken voldoen aan het Besluit bouwwerken leefomgeving, met toetsen op constructieve veiligheid, brandveiligheid en energieprestatie. Volgens toezichthouder TloKB voerden kwaliteitborgers in 2025 gemiddeld 2,4 bouwplaatsinspecties per bouwwerk uit.

Bij 85% van de projecten troffen kwaliteitsborgers ontwerpafwijkingen aan, en bij 75% zagen zij ook tijdens de uitvoering afwijkingen. Het bouwtoezicht is hierdoor merkbaar verbeterd, vooral bij aannemers zonder eigen kwaliteitssysteem, al valt niet hard te bewijzen of ook de kwaliteitsborging zelf tot meer bouwkwaliteit leidt.

Bouwkosten per woning stijgen fors

De kosten van kwaliteitsborging lopen voor kleine, individuele bouwprojecten het snelst op. Een onafhankelijke toetser kost gemiddeld 5.000 euro per woning, en inclusief de aanvullende werkzaamheden van de aannemer komen de totale kosten op circa 10.000 euro per woning uit.

Na aftrek van de gemiddelde besparing op bouwleges houdt een particuliere opdrachtgever circa 7.500 euro extra kosten over ten opzichte van de oude, gemeentelijke toetsing. Voor de particuliere woningbouw blijft dat een gevoelige kostenpost.

Bij grotere, seriematige projecten vallen de kosten lager uit: toetsen aannemers een op de tien woningen als referentiewoning ontstaat gemiddeld een voordeel van 1.500 euro per woning. Over alle woningen gerekend is het nieuwe stelsel per saldo gemiddeld zo’n 50 euro per woning duurder dan het oude gemeentelijke toezicht.

Kwaliteitsborging kent nog duidelijke knelpunten

Het EIB signaleert ook tekortkomingen in het huidige stelsel van kwaliteitsborging. Bij een instrument dekken kwaliteitsborgers risico’s met mogelijk grote gevolgen niet systematisch af, waardoor risico’s bij funderingen en brandveiligheid buiten beeld kunnen blijven.

Daarnaast ervaren betrokken partijen dat de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw tot voor kort terughoudend was met sancties bij gebreken. Een actievere toezichthouder kan het vertrouwen in de kwaliteitsborging versterken, iets wat ook raakt aan de bredere wet- en regelgeving rond bouwtoezicht.

Wat EIB aanbeveelt voor kleine bouwprojecten

Om de kosten van kwaliteitsborging voor kleine bouwprojecten te beperken, adviseert het EIB de regelgeving en legeskortingen beter op deze projecten af te stemmen. Achtergrond over de huidige regels staat op de themapagina van de rijksoverheid over bouwtoezicht.

Ook pleit het instituut voor duidelijkere landelijke regels voor casco- en deelopleveringen, zodat aannemers niet telkens per gemeente opnieuw moeten uitzoeken welke toetsmomenten gelden. Dat moet de lasten voor kleine bouwprojecten verlagen zonder dat het toezicht verslapt.

Dit artikel delen op je eigen website? Geen probleem, dat mag. Meer informatie.

Avatar foto

Redactie

Dit nieuws is samengesteld door de redactie van BouwNieuwsVandaag.
Lees meer van: Redactie


Digitale Nieuwsbrief

MIS GEEN BOUWNIEUWS: SCHRIJF JE IN VOOR ONZE NIEUWSBRIEVEN!

Kies je nieuwsbrief: 

Door jouw inschrijving voor de nieuwsbrief, ga je akkoord met onze privacy voorwaarden.