Door: Redactie - 9 juli 2025 |
Na maanden van spanningen en acties lijkt er eindelijk een doorbraak te zijn in de onderhandelingen over de cao interieur en meubel. Werknemers in de interieurbouw en meubelindustrie hebben met een overweldigende meerderheid van 88 procent ingestemd met het verbeterde eindbod van de werkgevers. Dit akkoord, dat een looptijd van 18 maanden heeft, biedt loonsverhogingen en betere arbeidsvoorwaarden.
Het eindbod van de werkgevers, vertegenwoordigd door de brancheorganisatie CBM, bevat een aantal belangrijke verbeteringen voor de werknemers. Zo wordt per 1 juni 2025 een loonsverhoging van 4 procent doorgevoerd, gevolgd door nog eens 2 procent op 1 januari 2026. Daarnaast ontvangen werknemers op 1 november 2025 een eenmalige bruto-uitkering van 650 euro als compensatie voor de eerste vijf maanden van dat jaar, waarin de onderhandelingen nog liepen.
Ook voor BBL-leerlingen zijn er stappen gezet. Hun startsalarissen gaan in twee fases omhoog: met 2 procent op 1 juni 2025 en nog eens 2 procent op 1 januari 2026. Verder wordt het vakantiegeld verhoogd van 8 naar 8,33 procent per begin 2026, en is de reiskostenregeling verbeterd. Werknemers kunnen vanaf dat moment een vergoeding claimen voor een maximale afstand van 40 kilometer enkele reis, waar dit eerder nog 30 kilometer was, ongeacht het gebruikte vervoersmiddel.
Het akkoord over de cao interieur en meubel gaat verder dan alleen financiële punten. Zo is de thuiswerkvergoeding geïndexeerd naar 2,40 euro per dag, en krijgen werknemers recht op twee dagen rouwverlof in plaats van één, met verbeterde voorwaarden. Daarnaast is er een protocolafspraak gemaakt over de zwaarwerkregeling (RVU), met de intentie om deze per 1 januari 2026 voort te zetten. Dit kan voor veel oudere werknemers in de branche een belangrijke verbetering betekenen, al blijft het afwachten hoe dit concreet wordt uitgewerkt.
Hoewel een grote meerderheid van de FNV-leden heeft ingestemd met het bod, is er ook ruimte voor reflectie. De vakbond geeft aan dat het onderhandelingsproces de volgende keer sneller en helderder moet verlopen. Na ruim acht en een halve maand van besprekingen en meerdere werkonderbrekingen door FNV-leden, waaronder stakingen op diverse locaties, bleef een landelijke stakingsdag op 24 juni uiteindelijk uit door dit verbeterde bod. Toch vraagt men zich af of een dergelijk langdurig traject nodig was om tot deze afspraken te komen. Werknemers en werkgevers hebben baat bij duidelijkheid, en een trager proces kan onrust en onzekerheid veroorzaken.
Terwijl de FNV-leden hun stem al hebben uitgebracht, hebben leden van CNV nog tot en met 3 juli de tijd om hun mening te geven over het eindbod. Het is nog even afwachten of ook daar een meerderheid voorstander is, maar de kans op een breed gedragen akkoord lijkt groot. De interieurbouw en meubelindustrie heeft met dit voorstel een stap vooruit gezet, al blijft de vraag of de geboden verbeteringen voldoende zijn om de uitdagingen in de bouwsector, zoals personeelstekorten en werkdruk, aan te pakken.
Met dit akkoord lijkt er voorlopig rust te komen in de branche, maar de oproep van FNV voor een vlotter proces in de toekomst hangt nog in de lucht. Het is nu aan beide partijen om te laten zien dat ze lessen hebben getrokken uit deze lange onderhandelingsperiode. Voor meer informatie over de specifieke afspraken kun je kijken op de website van FNV of de updates volgen via CBM.
Dit artikel delen op je eigen website? Geen probleem, dat mag. Meer informatie.