Nieuwe schokgolf op komst: bouwmaterialen worden fors duurder

De bouwsector staat opnieuw aan de vooravond van een periode met forse prijsvolatiliteit. Geopolitieke onrust in het Midden-Oosten, stijgende olieprijzen en oplopende transportkosten zorgen ervoor dat bouwmaterialen duurder worden in een tempo dat doet denken aan de turbulente jaren 2021-2022. De druk landt opnieuw primair bij de materiaalcomponent van de bouwkosten, terwijl loonkosten relatief stabiel blijven. Het is duidelijk dat we zien hoe bouwmaterialen voortdurend duurder worden.

Bouwmaterialen worden duurder door olie en transport

De huidige prijsstijgingen raken vrijwel alle productgroepen tegelijk. Twee factoren drijven dit proces: stijgende olieprijzen en oplopende transportkosten. Producten met een sterke link naar de petrochemie reageren direct en merkbaar. Dakbedekkingssystemen op basis van bitumen en kunststof, isolatiematerialen zoals PIR, resolschuim en EPS, en kunststof folies voelen de druk via zowel grondstofprijzen als energie-intensieve productie. Vrijwel elke leverancier heeft daarnaast te maken met hogere logistieke kosten. Verstoringen in internationale handelsroutes en duurdere brandstof maken transport een steeds zwaardere kostenpost. Opvallend is dat dit effect ook optreedt wanneer grondstoffen al eerder zijn ingekocht, waardoor bestaande voorraden geen volledige bescherming bieden. De markt wordt steeds complexer, en men ziet dat bouwmaterialen duurder worden als gevolg van deze ontwikkelingen.

Gefaseerde doorwerking maakt ramingen complex

Wat de situatie extra uitdagend maakt, is dat prijsverhogingen niet in één klap plaatsvinden. In meerdere productgroepen volgen na een eerste verhoging opnieuw correcties. Kosten werken gefaseerd door: eerst via grondstoffen en energie, daarna via transport en contractaanpassingen. Dit patroon zagen we ook tijdens de vorige crisis. Het maakt het lastig om grip te houden op ramingen en budgetten, zeker in de ontwerpfase van projecten. Traditionele indexaties lopen daarbij achter op de werkelijke prijsontwikkeling, wat de onzekerheid voor opdrachtgevers en aannemers vergroot. Zoals altijd geldt, bouwmaterialen worden geleidelijk duurder als correcties doorwerken.

Prijzen van bouwspullen stijgen door naar 2027

Prognoses van Archidat, gebaseerd op doorgerekende modellen voor de woningbouw, bevestigen dit beeld. Die modellen nemen niet alleen materiaalprijzen mee, maar ook arbeid, onderaanneming en materieel. Zo ontstaat een integraal overzicht van de bouwkostenontwikkeling. De uitkomsten laten zien dat de woningbouwkosten de komende jaren verder oplopen, met dure bouwmaterialen als dominante factor. Zowel grondgebonden als gestapelde woningbouw beweegt richting een significant hoger indexniveau dan vandaag. Arbeid en onderaanneming volgen een stabielere, maar wel stijgende lijn. De totale bouwkosten blijven daardoor stijgen, ook als de loonontwikkeling gematigder blijft. Dit betekent dat bouwmaterialen worden duurder tot en met 2027.

Gevolgen voor projecten en offertes

Voor de woningbouw betekent de situatie dat bouwmaterialen duurder worden op een moment dat de sector al kampt met krapte en hoge kosten. In de praktijk leidt dit tot kortere geldigheid van offertes, hogere risico-opslagen en toenemende druk op de projecthaalbaarheid. Ontwikkelaars en bouwers moeten vaker terugkomen op aannames uit eerdere planfases. De prijsontwikkeling in bouwmaterialen volgt daarbij geen rechte lijn, maar komt in golven. Dat vraagt om een andere manier van sturen, waarbij actuele data en integrale kostenmodellen onmisbaar zijn. Wie vasthoud aan verouderde indexcijfers, loopt een serieus financieel risico.

Avatar foto

Redactie

Dit nieuws is samengesteld door de redactie van BouwNieuwsVandaag.
Lees meer van: Redactie

Materialen - Uitgelicht


Digitale Nieuwsbrief

SCHRIJF JE IN VOOR ONZE WEKELIJKSE NIEUWSBRIEVEN EN BLIJF OP DE HOOGTE VAN ALLE ONTWIKKELINGEN IN DE BOUW!

MAANDAG: EVENTS OVERZICHT
VRIJDAG: NIEUWS OVERZICHT

Door jouw inschrijving voor de nieuwsbrief, ga je akkoord met onze privacy voorwaarden.