Door: Redactie - 27 oktober 2026 |
Zuid-Holland breidt het aantal mogelijke grote bouwlocaties buiten bestaande steden en dorpen verder uit. Provinciale Staten willen dat ook gebieden in Barendrecht, Bodegraven-Reeuwijk, Goeree-Overflakkee, Waddinxveen en Zuidplas worden onderzocht, naast de ruim twintig plekken die al op de lijst staan. De provincie hoopt zo sneller aan voldoende woningen te komen, al duwen netcongestie, de stikstofcrisis en langdurige bezwaarprocedures het bouwtempo flink terug.
Jarenlang hield de provincie grootschalige woningbouw buiten bestaand stedelijk gebied tegen. Plannen vanaf drie hectare kregen weinig ruimte, vooral om schaarse natuur en landbouwgrond te sparen. Plattelandsgemeenten baalden daarvan al jaren, omdat juist daar vaak de ruimte lag om snel woningen te bouwen. Vlak voor de zomer besloot een meerderheid van Provinciale Staten alsnog om de regels voor bouwen in het buitengebied te versoepelen. Het uitgangspunt blijft dat woningen zoveel mogelijk binnen bestaande steden en dorpen verrijzen, maar onder voorwaarden mag dat voortaan ook daarbuiten. Daarmee komt de provincie dichter bij de landelijke aanpak, waarin het Rijk al eerder eigen grote bouwlocaties aanwees voor de periode na 2030.
Provinciale Staten willen het onderzoek naar nieuwe grote bouwlocaties ook uitbreiden met Barendrecht, Bodegraven-Reeuwijk, Goeree-Overflakkee, Waddinxveen en Zuidplas. Die vijf gemeenten komen bovenop de ruim twintig plekken die eerder al als mogelijke grote bouwlocaties zijn aangewezen. De provincie toetst voor elke locatie of de plannen aan de regels voldoen en wat de gevolgen zijn voor de omgeving en het milieu. Een harde voorwaarde is dat de woningen tussen 2030 en 2035 daadwerkelijk gebouwd kunnen worden, anders valt een locatie later gewoon weer af. Zo’n toetsing kost tijd, maar voorkomt dat gemeenten jaren bouwen aan plannen die uiteindelijk toch sneuvelen.
Het Zuid-Hollandse college publiceerde vorige maand al een eigen groslijst met bouwplannen die bij de provincie bekend zijn. Het gaat in totaal om iets meer dan twintig projecten, goed voor ruim 10.000 woningen. Deze week voegden de politieke partijen daar zeven nieuwe locaties aan toe, waarmee het totale aantal grote bouwlocaties in onderzoek verder groeit. Over twee jaar moet duidelijk zijn welke van deze plannen daadwerkelijk goedkeuring krijgen van de provincie, nadat de betrokken gemeenten eerst allerlei gegevens hebben aangeleverd. Een nipte meerderheid van de Staten, 26 tegen 25, schrapte intussen enkele toetsingspunten uit de procedure tot onvrede van de grootste coalitiepartij PRO. Dat die discussie zo scherp verliep, laat zien hoeveel politiek gewicht er inmiddels aan deze locaties hangt.
Zuid-Holland heeft met het Rijk afgesproken om tussen 2022 en 2030 een kwart miljoen woningen te bouwen. Volgens de provincie liggen er genoeg plannen om dat aantal te halen: alle goedgekeurde projecten zijn samen goed voor ruim 284.000 huizen. Toch gaat de bouw niet zo snel als gehoopt. De drukte op het stroomnet speelt veel gemeenten parten, net als stikstof en bezwaarprocedures die soms jaren duren voordat de Raad van State een knoop doorhakt. Ook netcongestie raakt steeds meer wijken, omdat nieuwe aansluitingen op het stroomnet schaars zijn. Landelijk loopt het ministerie tegen vergelijkbare knelpunten aan: voor de nationale grootschalige woningbouwgebieden staan ruim 400.000 woningen gepland tot en met 2035, en ook daar bepalen stroomnet en vergunningen uiteindelijk het tempo. Zolang deze knelpunten niet zijn opgelost, blijft de uitbreiding van het aantal grote bouwlocaties in Zuid-Holland vooral een zaak van plannen maken, en minder van daadwerkelijk bouwen.
Dit artikel delen op je eigen website? Geen probleem, dat mag. Meer informatie.