Door: Redactie - 9 april 2026 |
Gerichte woningisolatie bij huishoudens met energiearmoede levert meer gasbesparing per geïnvesteerde euro op dan bij andere woningen. Dat concludeert TNO op basis van nieuw onderzoek naar de kosten en effecten van isolatie in Nederland. Vooral woningen met energielabel F en G bieden het grootste besparingspotentieel. De onderzoekers gebruikten het Hestia-model en microdata van het CBS om tot hun bevindingen te komen.
Binnen de groep huishoudens die in een matig of slecht geïsoleerde woning leeft, kampen maar liefst 256.000 huishoudens met energiearmoede. Om al deze woningen te isoleren tot de zogeheten isolatiestandaard (vergelijkbaar met energielabel A, zonder duurzame installaties) is circa 3 miljard euro nodig. Dat komt neer op ruim 11.000 euro per woning. TNO merkt daarbij op dat de kosten per woning lager uitvallen dan gemiddeld, omdat het bij energiearme huishoudens veelal om kleinere woningen gaat.
Een subgroep van circa 23.000 huishoudens woont in een huis met een zeer lage energetische kwaliteit (label F of G). Deze woningen vragen een investering van een half miljard euro, gemiddeld ruim 21.000 euro per woning. Tegelijkertijd levert isolatie hier de grootste gasbesparing op: ruim 800 kubieke meter per woning per jaar. Bij de recente gemiddelde gasprijs van 1,30 euro per kubieke meter vertaalt zich dat in een jaarlijkse besparing van meer dan 1.000 euro.
Na isolatie tot de isolatiestandaard dalen de energielasten van huishoudens met energiearmoede naar verhouding sterker dan bij huishoudens zonder energiearmoede. De energiequote, het deel van het inkomen dat naar energiekosten gaat, daalt bij energiearme huishoudens in sociale huurwoningen gemiddeld van 11% naar 7,5%. Bij koopwoningen gaat het zelfs van 13% naar 8,5%. Een vuistregel hanteert dat een energiequote boven de 8% problematisch is. Isolatie trekt dus veel huishoudens onder die kritische grens.
Peter Mulder, senior scientist bij TNO, plaatst de resultaten in perspectief: hoewel woningisolatie energiearmoede niet volledig oplost, daalt het aantal energiearme huishoudens met een extreem hoge energiequote door isolatie met bijna de helft. Per geïnvesteerde euro realiseren juist de slechtste woningen relatief veel energiebesparing.
De grootste gasbesparing door isolatie valt te behalen in de noordelijke gemeenten van Nederland. Daar is energiearmoede het hoogst, mede doordat huishoudens er meer stoken vanwege grotere woningen en koudere winters. Hierdoor daalt de energiequote en de diepte van energiearmoede door isolatie juist in Noordoost-Nederland het sterkst. Dit geografische patroon onderstreept volgens TNO dat een regionale aanpak loont.
Nu de gasprijzen weer oplopen, groeit het financiële voordeel van isolatie mee. Mulder wijst erop dat het qua aantallen om een relatief kleine minderheid van alle woningen gaat. Juist daarom vormt gerichte isolatie volgens hem een hele goede investering in het weerbaar maken van kwetsbare huishoudens. Volgens recente CBS-cijfers over aardgasverbruik en verduurzaming blijft het gemiddelde gasverbruik in slecht geïsoleerde woningen hardnekkig hoog, wat de urgentie van gericht ingrijpen bevestigt.
De resultaten vragen om een meer gerichte verduurzamingsstrategie, stelt TNO. Bij energiearme huishoudens gaat het meestal om koopwoningen. Voor eigenaren van woningen met slechte energielabels kunnen innovatieve financieringsvormen helpen, zoals gebouwgebonden leningen of inkomensafhankelijke renovatiesubsidies. Daarnaast is opschaling en industrialisering van renovatieprocessen noodzakelijk om kosten te drukken en de uitvoering te versnellen, zeker gezien de krappe arbeidsmarkt in de bouwsector.
Voor huurwoningen pleit TNO voor maatwerkafspraken met woningcorporaties en grote particuliere verhuurders. De woningkwaliteit en de mate van energiearmoede verschilt namelijk sterk per locatie. Gericht investeren op plekken waar zowel de nood als het rendement het hoogst is, maximaliseert de impact van elke euro. Wie meer wil weten over de volledige analyse kan terecht bij de publicatie op ESB.
Het TNO-onderzoek maakt duidelijk dat Nederland met relatief bescheiden middelen forse gasbesparing kan realiseren bij de meest kwetsbare huishoudens. De totale investering van 3 miljard euro voor alle woningen met energiearmoede klinkt fors, maar de terugverdientijd is bij de slechtste woningen het kortst. Met stijgende gasprijzen en toenemende politieke aandacht voor energiearmoede ligt er een kans die beleidsmakers niet zouden moeten laten liggen. Tegelijkertijd blijft de vraag of de uitvoeringscapaciteit in de bouw- en installatiesector voldoende is om deze ambitie waar te maken.