Door: Redactie - 16 maart 2026 |
Bijna de helft van de Nederlandse exporteurs ondervindt directe negatieve gevolgen van het Amerikaanse handelsbeleid. Hogere importheffingen, onvoorspelbare regelgeving en groeiende marktonzekerheid dwingen internationaal actieve bedrijven tot ingrijpende keuzes. Dat blijkt uit de Handelsmonitor 2025 van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Vooral voor de bouwgerelateerde maakindustrie en de staalsector pakken de gevolgen fors uit.
De klappen vallen harder dan ondernemers een jaar geleden voorzagen. Volgens de Handelsmonitor 2025 van de RVO ervaart 48 procent van de internationaal opererende bedrijven negatieve effecten van het verscherpte Amerikaanse handelsbeleid. Vooral ondernemingen in staal, agro, dranken en de maakindustrie merken dat de maatregelen diep doorwerken in hun ketens. Voor de bouwsector is met name de staalmarkt relevant: hogere heffingen op staalimport in de VS vertalen zich naar prijsschommelingen die ook Europese toeleveranciers raken.
Nederlandse exporteurs noemen drie hoofdknelpunten: stijgende importheffingen, wisselende regelgeving en structurele marktonzekerheid. Daarbovenop spelen hogere transportkosten en wisselkoersschommelingen een rol. Die combinatie maakt het voor bedrijven lastig om op langere termijn betrouwbare handelsrelaties te onderhouden met Amerikaanse afnemers.
De cijfers liegen er niet om. Een op de vijf ondernemingen heeft de Amerikaanse markt inmiddels deels of volledig verlaten. Bij 18 procent van de bedrijven daalde de export naar de Verenigde Staten al zichtbaar, terwijl 41 procent zich actief heroriënteert op alternatieve markten. Die laatste groep verdubbelde in slechts een jaar tijd. Dat wijst op een structurele verschuiving in het gedrag van internationaal opererende ondernemers.
Het aantal vragen dat de RVO ontvangt over markttoegang in de VS halveerde vorig jaar. In plaats daarvan gaat inmiddels ongeveer een derde van alle hulpvragen over importheffingen. Die verschuiving laat zien dat Nederlandse exporteurs niet langer primair kansen zoeken in Amerika, maar vooral proberen bestaande posities te beschermen.
Het Amerikaanse handelsbeleid staat niet op zichzelf. Internationale conflicten beinvloeden het sentiment onder exporterende bedrijven eveneens sterk. De oorlog in Oekraine en instabiliteit in het Midden-Oosten bleven van invloed, al nam de ervaren impact in 2025 enigszins af. Zo gaf ongeveer 15 procent van de ondernemers aan last te hebben van onrust in het Midden-Oosten, tegenover 23 procent een jaar eerder. Spanningen in de regio zorgen desondanks nog steeds voor onzekerheid rond internationale handelsroutes en toeleveringsketens.
Opvallend genoeg wegen deze internationale ontwikkelingen volgens de monitor zwaarder dan binnenlandse politieke factoren. Voor Nederlandse exporteurs in de bouw en infrasector betekent dat concreet: leveringstermijnen voor materialen en halffabricaten uit conflictgebieden blijven onzeker. Projectplanningen lopen daardoor vaker vertraging op dan voorheen.
Naast handelsbarrières en geopolitieke spanningen groeit de digitale dreiging gestaag. Maar liefst 44 procent van de ondernemers kreeg te maken met cyberaanvallen, phishing of spionage. Vooral bedrijven die buiten de Europese Unie opereren, melden dergelijke risico’s. Voor de bouwsector, waar steeds meer bedrijfsprocessen digitaal verlopen en gevoelige projectdata internationaal gedeeld worden, vormt dit een serieus aandachtspunt.
Ondanks alle tegenwind toont de Nederlandse export een opmerkelijke veerkracht. Bij 45 procent van de ondernemers groeide het exportvolume in 2025. Ruim een kwart bleef op hetzelfde niveau en een op de vijf ondernemers zag een daling. Het optimisme koelde wel iets af: het aandeel bedrijven met veel vertrouwen daalde van 39 naar 35 procent. Toch houdt een ruime meerderheid van 79 procent vertrouwen in de toekomst.
Tegenover de risico’s staan ook concrete kansen. Een kwart van de ondervraagde ondernemers ziet mogelijkheden door de verhoogde NAVO-norm voor defensie-uitgaven. Met name in hightech en de water- en maritieme sector rekenen Nederlandse exporteurs op extra vraag naar elektronica, halfgeleiders en gespecialiseerde materialen. Ook infrastrucuurprojecten zoals de aanleg en modernisering van havens en militaire faciliteiten bieden perspectief. Juist voor de bouwsector opent dat een interessant venster, mits bedrijven snel genoeg inspelen op de veranderende marktverhoudingen.