Door: Redactie - 29 mei 2026 |
De Algemene Rekenkamer heeft het zwart op wit gezet: de stilstand in woningbouw, infrastructuur, netcongestie en stikstof kost Nederland elk jaar tientallen miljarden euro’s. Voorzitter Arno Visser van Bouwend Nederland trekt harde conclusies. Erkenning van de problemen is mooi, maar zonder uitvoering verandert er niets. De bouwsector wacht al jaren op concrete actie. De vraag is: wanneer volgen de daden eindelijk de woorden?
Van de beschikbare €731 miljoen voor woningbouw gaf het kabinet in 2025 slechts €327 miljoen daadwerkelijk uit. De doelstelling van 100.000 nieuwe woningen per jaar haalde Nederland niet: het werden er uiteindelijk 79.900. Het woningtekort groeide verder door naar maar liefst 396.000 woningen. Arno Visser, voorzitter van Bouwend Nederland, reageert scherp: “De Rekenkamer bevestigt wat wij al langer zeggen. Projecten stranden door onrendabele businesscases en de tweederde-betaalbaarheidseis frustreert de woningbouw actief, wat onvermijdelijk bijdraagt aan de stilstand.”
Hij wijst ook op de teruglopende bouwvergunningen, die voor de komende jaren weinig goeds beloven. Wie de cijfers bekijkt, ziet een sector die vastloopt terwijl de behoefte aan woningen alleen maar groeit. Meer achtergrond over het woningtekort vind je bij het ABF Research Primos-prognose, dat jaarlijks de woningmarktontwikkeling in kaart brengt. Uiteindelijk ontstaat zo op meerdere fronten een structurele stilstand.
De Rekenkamer stelt dat er €34,5 miljard extra nodig is voor het onderhoud van de Rijksinfrastructuur. Dat maakt dit de grootste instandhoudingsopgave ooit in de Nederlandse geschiedenis. De voorzitter van de Rekenkamer opende zijn toespraak opvallend genoeg met een historische parallel: de aanleg van de Nieuwe Waterweg in 1864, toen Nederland de moed had om groots te investeren in zijn bereikbaarheid. Visser onderschrijft die vergelijking volmondig: “Die moed hebben we nu opnieuw nodig. Niet om grote nieuwe werken aan te leggen, maar om alles dat we ooit bouwden te onderhouden en zo te behouden.” Het is een terecht appel. Jarenlang schoof de politiek onderhoud voor zich uit; de rekening daarvoor loopt nu flink op. Rijkswaterstaat publiceerde eerder dit jaar vergelijkbare signalen over de staat van het wegennet en de waterkeringen. Overigens zien we dat stilstand in de infrabranche direct doorwerkt in de hele economie.
Het elektriciteitsnet raakt structureel overbelast. De economische schade van netcongestie raamt de Rekenkamer op €10 tot €40 miljard. Bedrijven die willen verduurzamen, krijgen geen aansluiting. Woningbouwprojecten lopen vast op gebrek aan netcapaciteit. In delen van Utrecht sluit het stroomnet zelfs geen nieuwe woningen meer aan. Visser noemt het ronduit: “Netcongestie is niet alleen een energieprobleem, het is een bouwprobleem. Laat dit de laatste waarschuwing zijn.”
Netbeheerder Alliander publiceerde in 2024 concrete cijfers die dit bevestigen: in grote delen van Noord-Holland en Flevoland staan honderden projecten stil door volle netten. De impasse treft niet alleen grote projectontwikkelaars maar ook kleine aannemers die nieuwbouwwijken gereed hebben voor oplevering, maar geen stroom kunnen leveren. Ook dit onderdeel van de bouwcrisis vraagt om directe politieke daadkracht, niet om nog meer rapportages. Uiteindelijk raken steeds meer sectoren in stilstand.
De stikstofcrisis blijft een hardnekkig struikelblok voor de bouwsector. De jaarlijkse economische schade loopt op tot €12 a €15 miljard. Wat Visser bijzonder onthutsend noemt, is dat het vorige kabinet wist dat de genomen maatregelen onvoldoende emissiereductie zouden opleveren om de vergunningverlening vlot te trekken, maar toch geen actie ondernam.
“Deze minister heeft alle momentum om de stikstofimpasse op te lossen,” aldus Visser. Dat is een verwijzing die hoop geeft, maar ook druk legt. De patstelling duurt al jaren en treft honderden bouwprojecten rechtstreeks. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) bracht eerder in kaart hoeveel bouwprojecten direct stilliggen door stikstofproblemen. De conclusie laat weinig ruimte voor optimisme zonder structurele maatregelen.
De Rekenkamer formuleert drie kernpunten voor verbetering. Stel ambitieuze maar realistische doelen. Zorg dat die doelen niet verzanden in stapels papier en wollige beleidstaal. En zorg dat goed beleid samengaat met goede uitvoering. Visser sluit zich hier volledig bij aan. De oplossing voor het woningtekort, de netcongestie, de stikstofimpasse of het achterstallige infraonderhoud zit niet in nóg meer beleid, maar in de praktijk van alledag. Praktische maatregelen die morgen al effect hebben. De uitvoering vergt moed, net als die investeerders in 1864. De rem op de bouwsector los je niet op met mooie woorden in een Kamerdebat. De presentatie van de Miljoenennota op Prinsjesdag geldt voor de sector als het ijkpunt: gaat het kabinet eindelijk geld bij de woorden voegen? Bouwend Nederland, aannemers en projectontwikkelaars kijken gespannen toe. De klok tikt, de tekorten groeien en elke maand van verdere stagnatie kost het land opnieuw honderden miljoenen. In het licht van alle dreigende stilstand is snelle actie vereist.