Door: Redactie - 16 februari 2026 |
Noord-Holland zet vol in op industrieel bouwen om het woningtekort aan te pakken. De provincie tekende samen met gemeenten, woningcorporaties en het ministerie van Volkshuisvesting een afsprakenbrief om zesduizend prefab woningen te realiseren. Momenteel ligt het aandeel fabrieksmatig gebouwde woningen op 20 procent, maar in 2030 moet dat percentage stijgen naar ongeveer de helft van alle nieuwbouw.
Op 29 januari ondertekenden meerdere partijen de ‘Afsprakenbrief Opschalen industriele Bouwstroom‘. Deze overeenkomst legt concrete doelen vast voor het opschalen van prefab woningbouw in Noord-Holland en Flevoland. Naast de twee provincies zetten ook het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO), de gemeenten Purmerend, Uithoorn, Schagen en Landsmeer hun handtekening. Daarnaast doen woningcorporaties Eigen Haard en Wooncompagnie mee, evenals gebiedsontwikkelaar BPD en de Nieuw Hollandse Bouwstroom. Dit laatste collectief zet zich in voor de snelle beschikbaarheid van duurzame en betaalbare woningen.
De samenwerkende partijen kiezen bewust voor een aanpak die draait om continuiteit en zekerheid. Daardoor kunnen bouwbedrijven hun fabriekslijnen beter benutten en sneller leveren. Door fabrieksmatige woningbouw al in een vroeg stadium aan een concrete locatie te koppelen, verloopt het vergunningenproces bovendien vlotter. Gemeenten weten eerder wat ze kunnen verwachten, terwijl ontwikkelaars sneller hun plannen kunnen uitwerken. Deze werkwijze verkort de doorlooptijd van initiatief tot oplevering aanzienlijk.
Op meerdere plekken in Noord-Holland passen partijen de afspraken al toe. Het grootste project betreft de Purmerendse Oostflank, waar tussen de 5.000 en 5.800 woningen moeten verrijzen. Een groot deel daarvan krijgt een industrieel bouwproces. In Schagen ontwikkelen partijen eveneens een grootschalige woningbouwlocatie met ruimte voor 750 prefab huizen. Verder bouwen Uithoorn en Landsmeer samen ruim 105 woningen via deze methode. Met name de schaal van het Purmerendse project biedt kansen om de productielijn van fabrikanten langdurig te vullen.
De keuze voor fabrieksmatig bouwen komt niet uit de lucht vallen. Nederland kampt al jaren met een groot woningtekort, terwijl traditionele bouwmethoden te langzaam opschalen. Industrieel bouwen biedt hiervoor een uitkomst, omdat fabrieken onafhankelijk van het weer kunnen produceren. Hierdoor vallen minder vertragingen door regen of vorst. Tevens levert het proces minder bouwafval op en kenmerken prefab woningen zich door een constante kwaliteit. Die voorspelbaarheid maakt het voor corporaties en ontwikkelaars aantrekkelijker om grote aantallen woningen tegelijk te bestellen.
Het ministerie van VRO ziet de afsprakenbrief als een logisch vervolg op de Woontopafspraken uit 2024. Die landelijke afspraken sturen aan op versnelling van de woningbouw in heel Nederland. Zodoende maakt het ministerie nu een plan om de doelen uit de Noord-Hollandse brief te ondersteunen en te realiseren. Financiele en organisatorische steun vanuit Den Haag moet de provinciale ambities haalbaar maken.
In het najaar van 2026 staat de eerste evaluatie op de planning. De betrokken partijen beoordelen dan of het tempo en de kwaliteit van de fabrieksmatige woningproductie op koers liggen. Indien de resultaten positief uitvallen, willen zij meer gemeenten bij het initiatief betrekken. Desondanks erkennen de ondertekenaars dat er uitdagingen blijven bestaan, zoals het vinden van geschikte bouwlocaties en het afstemmen van bestemmingsplannen. Toch overheerst optimisme. De verwachting is namelijk dat de combinatie van zekerheid, schaal en samenwerking het industrieel bouwen in Noord-Holland definitief op gang brengt. Inmiddels kijken ook andere provincies met interesse naar het Noord-Hollandse model voor modulaire woningbouw.