Door: Redactie - 12 augustus 2026 |
Aannemer De Vries Werkendam vervangt de komende jaren 210 meter kademuur aan de Binnenhaven in Maassluis. De gemeente heeft de opdracht gegund voor bijna 7,9 miljoen euro. De ingreep is nodig omdat de bestaande kademuur uit 1935 niet langer voldoet aan de eisen voor constructieve veiligheid en op meerdere plekken instabiel blijkt. Voor de haven betekent dat jarenlang werk aan een kade die de scheepvaart dagelijks gebruikt.
De huidige kademuur stamt uit 1935 en is bijna een eeuw oud. Uit inspecties en berekeningen blijkt dat de wand de belasting van vandaag niet meer veilig kan dragen. De gemeente Maassluis liet meerdere onderzoeken uitvoeren naar de staat van de muur, en die schetsen een zorgelijk beeld: de constructie zakt en vervormt op plekken waar dat niet hoort. Uitstel is daardoor geen optie meer, ook al drukt de rekening van bijna acht miljoen euro flink op de begroting.
De Vries Werkendam bouwt over een lengte van 210 meter een volledig nieuwe kademuur. Het bedrijf, gespecialiseerd in waterbouw, moet de damwand en verankering zo ontwerpen dat de kademuur decennia meegaat. Tijdens de uitvoering blijft de Binnenhaven deels in gebruik wat de logistiek er niet makkelijker op maakt. Werken langs open water vraagt bovendien om strakke fasering, want een halve kademuur laat zich lastig belasten. De aannemer combineert daarom sloop, heiwerk en afbouw in opeenvolgende vakken. De gekozen aanpak moet ook de kans op verzakkingen bij naastgelegen kades beperken.
Maassluis staat niet alleen. In heel Nederland vervangen gemeenten en waterschappen kademuren die stammen uit het interbellum of de wederopbouw. Ook Rijkswaterstaat waarschuwt in zijn vervangingsopgave voor verouderde infrastructuur dat veel kunstwerken tegen het einde van hun technische levensduur lopen. Cijfers over de landelijke vervangingsopgave laten zien dat de kosten voor het vervangen van elke kademuur de komende jaren fors oplopen. Voor een havenstad als Maassluis raakt dat direct aan de havens en kades waar bedrijvigheid en woningen dicht op elkaar staan. Een instabile kademuur is dan geen abstract risico maar een dagelijkse zorg.
Wanneer de eerste schop de grond in gaat, is nog niet definitief. De gemeente mikt op een start binnen afzienbare tijd, met een doorlooptijd van meerdere jaren. Omwonenden en ondernemers aan de Binnenhaven moeten rekening houden met bouwverkeer, tijdelijke versmallingen en geluid. Ook de scheepvaart in de Binnenhaven krijgt met tijdelijke stremmingen te maken, al probeert de aannemer die tot een minimum te beperken. Dat de gemeente vooraf helder communiceert over de fasering, scheelt straks veel irritatie. De vervanging kost geld en tijd, maar levert Maassluis een veilige oever op die opnieuw generaties lang mee kan.